Heksen en Leylijnen?

Al in het stenen tijdperk maakte men gebruik van leylijnen, de hunnebedden zijn gebouwd op een leylijn en ook grafheuvels en andere spirituele plaatsen doorkruisen hen. Stonehenge is gebouwd op een leylijn... In een ver en spiritueel verleden waren deze energierijke plaatsen zeer belangrijk en vormden zij het middelpunt van verloren culturen. Maar waarom? Dit is niet helemaal duidelijk, maar de energie van deze leylijnen werd gebruikt voor vele religieuze doeleinden.....

Erg blij zijn wij met de goedkeuring om informatie te mogen gebruiken van de site www.leylijnen.com!

Mocht iets niet duidelijk zijn of je wilt meer info dan raden wij je bovenstaande site aan.

Korte uitleg leylijnen & andere energielijnen

Leylijnen en andere energielijnen zijn banen van energie die door het landschap stromen. Ze vervoeren energie over de hele planeet. Al deze energielijnen liggen op het landschap en niet in de grond. Leylijnen zijn een specifieke soort energielijnen. Naast leylijnen zijn er nog een heel wat andere soorten energielijnen, zoals bijvoorbeeld hartmannlijnen, currylijnen en benkerlijnen. Iedere soort energielijnen vormt om de planeet een eigen netwerk (ook netten genoemd).

verschillende soorten energielijnen zijn in twee soorten onder te verdelen. Enerzijds zijn dat de rasternetwerken (grids). Dit soort energielijnen vormen samen meestal een rechthoekig hokjespatroon. Dit houdt in dat deze energielijnen parallel aan elkaar liggen met steeds een gelijke tussenruimte en haaks hierop ook parallelle lijnen met gelijke tussenruimte. Door allerlei invloeden kunnen er afwijkingen ontstaan in dit rasterpatroon. Anderzijds zijn er zogenaamde vrije netwerken. Dit zijn netwerken die niet in een hokjespatroon liggen, maar waarvan de energielijnen in iedere richting kunnen stromen.

Behalve energielijnen, die doorgaans kaarsrecht door het landschap lopen, zijn er ook andere energieën die samengevat kunnen worden onder de noemer energievormen. Hieronder een schema met de verschillende energielijnen en energievormen.

Energielijnen & -centra:
Energievormen:
Rasterlijnen:
Currylijnen & centra
Meyerlijnen & centra
X-lijnen & centra
Hartmannlijnen & centra
Pyerélijnen & centra
Benkerlijnen & centra
Aragonale lijnen & centra
100e baan lijnen & centra
Saturnuslijnen & centra
Neptunuslijnen & centra
Eén-meterlijnen & centra
Lijnen van vrije netwerken:
Leylijnen & centra
Wateraders
Breuken in de bodem
Holtes in de bodem, spelonken
Spiralen (vortex)
Magische cirkels (ter afscherming)
Magische cirkels (als poort)
Magische vierkanten
Magische driehoeken
Magische vijfhoeken
Magische zevenhoeken
Lucht poorten
Aarde poorten
Atmosferische poorten
Energie, tijd en ruimte poorten
Vuurplekken

Het lijkt een lange lijst van energielijnen en energievormen, maar dat valt op zich wel mee. Bij het ontstoren van aardstralen kan men op een hele serie energieën letten, en ook in de praktijk kan men al deze energieën tegenkomen. Maar wanneer men op onderzoek uit gaat bij heiligdommen en krachtplaatsen, en gaat kijken met welke energieën onze voorouders rekening hebben gehouden, zijn er slechts enkele energieën van belang. Ze hebben altijd gelet op de leylijnen, bij de megalieten ook de benkerlijnen. Verder gebruikte men vroeger wateraders, spiralen en magische cirkels ter afscherming.

Verder over energie- en leylijnen

Leylijnen en andere energielijnen zijn banen van energie die door het landschap stromen. Deze banen stromen een bepaalde richting op, die voor iedere lijn verschillend kan zijn. De energielijnen zijn (bijna) altijd kaarsrecht en kunnen duizenden kilometers lang zijn. De afmetingen van de verschillende energielijnen kunnen variëren van 10 centimeter tot heel soms wel 10 meter breed. De lijnen liggen op de grond en de energie van een lijn hoeft niet overal even sterk te zijn. Dit kan per plaats, maar ook in de tijd verschillen. De energielijnen reageren qua sterkte, net als de zee met eb en vloed, op de maan en andere kosmische factoren. De verschillende soorten energielijnen onderscheiden zich van elkaar door de verschillende eigenschappen en kwaliteiten die ze hebben, een eigen karakter. Zo hebben leylijnen bijvoorbeeld de eigenschap van kracht. Daarom worden leylijnen ook krachtlijnen genoemd. Ook kunnen de energielijnen mannelijk, vrouwelijk, neutraal, positief (prettig) en negatief (onprettig) zijn. Met name door menselijke invloed kunnen (stukken van) energielijnen veranderen. Zo zijn de meeste leylijnen en kruispunten ervan positief. Maar er zijn ook plaatsen waar ze negatief zijn geworden bijvoorbeeld door het offeren van mensen, moord en veldslagen.

Op zéér véél plekken op deze planeet kruisen energielijnen (van een zelfde soort) elkaar. Dit worden energiecentra genoemd, waarvan de meesten maar klein zijn. Ook de meeste kruisingen van leylijnen zijn klein en zwak. Maar in iedere streek zijn er ook een aantal sterke kruispunten. Deze leycentra zijn een soort verkeersknooppunten van energie. Verschillende leylijnen komen bij elkaar op plekken waar er een concentratie van energie aanwezig is. Dit wordt een krachtplaats of krachtcentrum genoemd. Deze krachtplekken zijn energetische krachtpunten waar meerdere krachtlijnen bij elkaar komen en worden gezien als heilige plaatsen. Bij positieve leycentra is er een krachtveld vol met energie dat kan zorgen voor inspiratie, genezing en wonderen. Voor informatie-overdracht is energie nodig, wat de inspiratie op die plaatsen verklaart, er is immers energie genoeg. Door de extra energie op deze speciale plaatsen komt het ook voor dat er bij leycentra lichtverschijnselen waargenomen worden. Voorbeelden zijn het hunebed van Loon (Drenthe) en het klooster van Aduard (prov. Groningen). De plaats van het klooster is bovendien bepaald door het zien van de lichtverschijnselen.

In de geschiedenis hebben vele volkeren heiligdommen gebouwd en gecreëerd om te vereren, te offeren of te bidden. Ze kozen een leycentrum, een krachtplaats, om daar hun heiligdom te situeren. De reden waarom ze deze plekken uitkozen is vanwege de vele energie die aanwezig is. Hier dachten ze in contact te kunnen treden met de goden en deze op deze plaatsen te vereren. Voorbeelden hiervan zijn bijvoorbeeld de de piramiden van Egypte, Stonehenge en Avebury-henge in Engeland, en ook de dolmens en menhirs van Weris, en hunebedden van Drenthe. En zo zijn er nog veel meer heilige plaatsen die door onze voorouders zijn gebruikt. En ook de kerken en kathedralen die in vroeg-christelijke tijden (voor 1350) zijn gebouwd zijn op een kruispunt van leylijnen gesitueerd. Voor een vollediger overzicht van welke soorten heiligdommen op krachtplaatsen zijn gepositioneerd, zie de pagina.

Behalve dat men in de oude tijden heiligdommen positioneerde op een leycentrum, situeerde men ook burchten en kastelen op een kruispunt van leylijnen. Ook zijn de leylijnen zelf op andere manieren gebruikt. In de Romeinse tijd was het een gebruik om kaarsrechte wegen aan te leggen op leylijnen. Zo kregen de manschappen veel kracht om enorme (voet)tochten te houden. Ook werden er in de vroeg-christelijke tijd doodwegen of lijkwegen aangelegd op leylijnen waarover de dode naar de begraafplaats en/of kerk werd vervoerd. Omdat leylijnen heilige plaatsen met elkaar verbinden worden het ook wel heilige lijnen genoemd.

Rond deze planeet bevinden zich zeer veel leylijnen. De meeste van deze lijnen zijn zwak in energie en vrij smal (10/20 cm). Door de grote hoeveelheid leylijnen zijn er iedere tien meter wel twee of drie leylijnen te vinden. Om alle leylijnen van een regio, provincie of land in kaart te brengen is bijna niet te doen. Wel zijn er een aantal sterke of zeer sterke leylijnen in kaart gebracht. Dit zijn bijvoorbeeld de leylijn Stonhenge - Externsteine of de Lambertuslijn in Noord-Brabant. Meer informatie over sterke en zeer sterke leylijnen vind je op de pagina. Sterke leylijnen zijn meestal ongeveer een meter breed en hoger dan een meter, maar er zijn afwijkingen mogelijk.

Leylijnen hebben verschillende benamingen. Zo worden ley-lijnen ook meridianen en gaialijnen genoemd. En omdat leylijnen tussen heilige plaatsen liggen worden ze ook heilige lijnen genoemd. Weer andere namen zijn gebaseerd op de plekken of heilige plaatsen waar ze door heen lopen. Voorbeelden hiervan zijn:

*Bomenlijnen: verschillende bomen die in een het verlengde van elkaar liggen op een leylijn.

*Kerkelijnen/kerkenlijnen: verschillende kerken die in het verlengde van elkaar liggen op een leylijn.

*Lijnen met namen van heiligen:in Oost-Vlaanderen liggen vier Sint-Martinuskerken op één leylijn. Dit komt ook voor in het oosten van Noord-Brabant, hier liggen vijf Sint-Lambertuskerken op één leylijn. Deze leylijnen zijn dus Martinuslijn en Lambertuslijn te noemen. Op bovenstaande website staat ook een artikel over de Lambertuslijn.

Oorsprong van 'Ley'

In het begin van de twintigste eeuw ontdekte de Alfred Watkins in Engeland de leylijnen. In een visioen zag hij deze lijnen lopen over het landschap, ze liepen dwars door allerlei plaatsen; menhirs, dolmens, steenkringen, kerken, kloosters en andere bouwwerken. Bij zijn onderzoek naar deze lijnen kwam hij in plaatsen met het woord Leah erin tegen, dit betekende volgens hem bescherming of luwte. Daarom noemde hij de door hem ontdekte lijnen "leylines", leylijnen.

Omdat het woord "leylijnen" afkomstig is uit de Engelse taal van ley lines, wordt het nogal eens afwisselend geschreven. Vaak is deze genoteerd nadat iemand erover vertelt heeft en zo zijn er verschillende schrijfvarianten te vinden: leelijnen, leilijnen, leijlijnen, lijlijnen, lylijnen, lailijnen en laylijnen. Andere woorden die ook wel gebruikt worden voor het woord leylijnen zijn "leys" en "leylines".

Het woord leylijnen wordt ook op twee manieren uitgesproken: "lijlijnen" en "leelijnen". Onze voorkeur gaat uit naar de laatstgenoemde, want in de Engelse taal stamt het woord ley af van leah.

Het begin en einde van energielijnen

Leylijnen kunnen zeer lang zijn. Er zijn leylijnen die duizenden kilometers lang zijn, maar er zijn veel meer lijnen die slechts een aantal kilometer lang zijn. De meeste leylijnen hebben een begin en een einde. Hoe ver de rasterlijnen doorlopen is niet bekend. Aan het begin of het einde van een leylijn houdt de lijn plots op. Op die plek bevindt zich een magisch vierkant, dat zorgt voor een aanvoerende of afvoerende energiestroom. Ook zijn er magische vierkanten die ergens anders op een energielijn voor verversing van energie zorgen. Ieder soort energielijnen heeft via de magische vierkanten verbinding met een andere planeet, waarmee energie uitgewisseld wordt.

Onderbroken energielijnen

Soms komt het voor dat er bij een onderzoek leylijnen of andere energielijnen gevonden worden die "eventjes niet aanwezig zijn". Een lijn is dan niet onderbroken (want de energie moet ergens blijven), maar zal een boog door de lucht maken over een bepaald gebied heen. Zo is er bekend dat de kerk niet wilde dat er vreemde en mysterieuze verschijnselen voorkwamen in bijvoorbeeld boerderijen. Wanneer er dan een leylijn door de boerderij liep, liet de priester de leylijn over het huis lopen in plaats van er door heen (of hij liet het doen). Dit is vooral bekend uit de Achterhoek, maar het is zeker mogelijk dat het vroeger elders ook gebeurde.

Wanneer er schadelijke lijnen ontdekt zijn in een huis en deze geblokkeerd (= tegengehouden) worden door een instrument dat wordt gebruikt om huizen te ontstoren, dan moet de energie van zo'n schadelijke energielijn ook ergens blijven.

Energielijnen en zeeën en andere wateren

Op het moment dat een leylijn een zee of een ander water kruist, zal de leylijn of andere energielijn de bodem van een zee of een ander water volgen. De energie volgt dus normaliter niet de zeespiegel. Maar er zijn uitzonderingen. Op speciale plekken en op plekken met menselijke activiteit gedragen de energielijnen zich anders. De plekken met menselijke activiteit (in zee) zijn bijvoorbeeld een booreiland.

Kosmische of aardse energielijnen?

Van leylijnen wordt veel gedacht dat ze bestaan uit kosmische energieën. Van aardstralen wordt veel gedacht dat ze bestaan uit aardse energieën. Zowel de leylijnen als andere energielijnen (aardstralen), bevatten zowel kosmische energie als aarde energie. Wanneer ze een magisch vierkant kruisen wordt de energie afgevoerd en kosmische energie aangevoerd. Terwijl de energielijnen door het landschap stromen, stralen ze energie uit en nemen ze energie op. Door de uitwisseling van de aardse en kosmische energie krijgen de flora en fauna extra energie. Zo ontstaat er een mengsel van aardse en kosmische energie.

Stromingsrichting rasternetwerken

Om de aarde liggen verschillende netwerken, die ook wel netten of grids worden genoemd. Het overgrote deel van de netwerken zijn rasternetwerken. Een rasternetwerk houdt in dat om de zoveel meter een soortgelijke energielijn ligt die evenwijdig ligt aan de vorige en volgende energielijnen. Maar het zijn rasternetwerken en een raster houdt in dat er op deze energielijnen, met een rechte hoek energielijnen staan van dezelfde soort. Ook hier om de zoveel meter een bepaald soort energielijn.

Een voorbeeld van zo'n raster netwerk is het hartmannnetwerk. De energielijnen van dit netwerk liggen ongeveer noord - zuid en oost - west gepositioneerd. Een voorbeeld van een ander rasternetwerk is het netwerk dat bestaat uit currylijnen. Dit netwerk is een diagonaal net, want deze energielijnen liggen noordoost - zuidwest en noordwest - zuidoost geörienteerd.

De richting waarheen de energielijnen stromen verschilt per rasternetwerk en eventueel ook per energielijn. Normaal gesproken lopen de energielijnen recht over het aardoppervlak. Door de handel en wandel van mensen komen er ook vervormigen in de netten voor, maar normaliter lopen de netten in een rechthoekig patroon over de aarde.

Oorsprong energielijnen

De leylijnen en andere energielijnen liggen al duizenden jaren rond onze planeet, ze zijn de Oeroude Energieën van de Aarde. Maar de oorsprong van de energielijnen is onduidelijk. Over hoe ze zijn ontstaan bestaan verschillende ideeën.

* Een gedachte is dat de energielijnen van de aarde zijn ontstaan bij de schepping/vorming van de huidige planeet. Maar wat er precies gebeurd is bij de schepping/vorming is niet bekend. Een raadsel wordt met een ander raadsel opgelost, met deze theorie blijft het ontstaan in de nevelen gehuld.

* Een andere verklaring voor het ontstaan van de lijnen is dat deze gecreëerd zijn door bewuste wezens, zoals bijvoorbeeld de mens, maar dan wel in een ver grijs verleden. Het systeem van de verschillende netwerken is een dynamisch geheel. Door bepaalde beïnvloedingen kunnen er afwijkingen gaan ontstaan in energielijnen. Met bepaalde handelingen kunnen leylijnen versterkt worden, maar ook gecreëerd. Daarom geven de beheerders van leylijnen.com aan deze laatste verklaring de voorkeur.

Een sterke Leylijn

Leylijn Stonehenge - Externsteine

Een grote leylijn loopt vanuit Stonehenge in Engeland (ten noorden van Salisbury nabij Amesbury) naar Externsteine in Duitsland (nabij Horn bij Paderborn). Beide locaties zijn als oud keltisch heiligdom in gebruik geweest. Deze leylijn loopt door Nederland voor een groot stuk. De volgende leycentra worden door deze lijn gekruist ««

* Stonehenge (Engeland)

Een grote steencirkel van megalieten die in de voor-christelijke tijden hier is neergezet.

* Domburg (Zeeland), de oude Duinenburg

De noorderburcht op Walcheren is door de Vikingen aangelegd.

* Oosterhout (Noord-Brabant), Slotbosse Toren

Deze toren maakte eens deel uit van het grote Kasteel Strijen. Alleen de 26 meter hoge toren van baksteen bleef staan. Na de 80-jarige oorlog wordt het kasteel vernield door kanonvuur, waarna de bakstenen uit de ruïne gebruikt werden voor ondermeer gebouwen in Oosterhout. (Bron: ANWB) Alleen de hoek van de toren rest nog, juist in deze hoek ligt het leycentrum. Het centrum is zwaar negatief deels door de veldslag die hier heeft plaatsgevonden en deels door de brand die het kasteel in vuur en vlam zette. Dat het leycentrum nog steeds zwaar negatief is wordt ondermeer ook aangeduid door het babylijkje dat hier een aantal jaren terug is gevonden.

* 's-Hertogenbosch (Noord-Brabant), Sint-Janskathedraal

De leylijn loopt hier door de toren van deze kathedraal.

*  Externsteine (Duitsland)

Een rotsformatie die uitsteekt in het landschap en al in de voor-christelijke tijd als religieus heiligdom is gebruikt.

De wonderlijke ontdekking van de dodenweg

Door Stephan Jongerius, artikel uit: Brabants Dagblad van vrijdag 19 april 2002.

Hans Jilesen uit Veghel raakte in de ban van de dodenweg: kaarsrechte lijnen in het landschap waarop vroeger de doden werden begraven. Hij heeft nu in Brabant de 35 kilometer lange Lambertuslijn ontdekt. In twaalf bijeenkomsten aan die lijn vertelt hij zijn smakelijke verhaal.

Op een van zijn zwerftochten door Spanje stuitte Hans Jilesen uit Veghel jaren geleden op een bijzondere plek. Rond een bron in het binnenland van Catalonië bleek een zeer levendige devotie plaats te vinden. In en rond het openluchtkapelletje hoorde hij verhalen over verschijningen, wonderbaarlijke genezingen en waargenomen ufo's.

Jilesen, voormalig televisiemaker voor NOS en VPRO en voormalig vertaler, was op slag gefascineerd, zonder te weten waarom. De bron van Forès bleek opgedroogd, maar in '82 weer tot stromen te zijn gewekt door Juan Diez, een 'door Rome naar de Pyreneeën verbannen priester'. Maar Jilesen ontdekte dat de plek ver daarvoor al een druk bezocht pleisterplaatsje was. Bij de bron is een begraafplaats uit het stenen tijdperk gevonden. Iets verderop hebben 75.000 jaar geleden al de Neanderthalers gezeten. Los van alle sterke verhalen stond voor hem vast: dit is een uiterst krachtige plaats.

Weer thuis, zo gaat het verhaal verder, heeft hij een detailkaart van het driehoekige dal waarin de bron schuil gaat, opgehangen in de keuken. Geen dag ging voorbij of hij bestudeerde de omgeving. Tot hij plots ontdekte dat de bron op een rechte lijn ligt tussen de kerk en twee kapellen. "Toen ik dat vertelde aan een Spaanse kennis, reageerde die enthousiast: 'Je hebt een Sint Michaëlslijn ontdekt'!"

Gevangen

Voor Jilesen was dat het begin van een speurtocht die hem uiteindelijk naar een spectaculaire ontdekking zou leiden in zijn eigen geboorteplaats. In boeken snuffelend en informerend kwam hij erachter dat zulke lijnen bekend zijn als lichtwegen of dodenwegen. Kaarsrechte paden moeten het ooit zijn geweest die de fundamenten vormden van een verloren geraakte cultuur. Op de kruisingen zijn resten aangetroffen van grafheuvels, hunebedden en steenkringen. De doden werden er 'gevangen in het licht', zodat hun zielen niet eindeloos bleven ronddolen.

Al ver voor Christus moet het openbare leven zich langs die lijnen hebben afgespeeld, maar de christenen borduurden hier op voort. In 1982 legde de Oostenrijkse architect Jörg Purner het lijnenspel in één klap bloot in een proefschrift. Purner ontdekte dat alle kerken van voor de veertiende eeuw op één lijn liggen met andere kerkelijke gebouwen en in die richting zijn gebouwd. Zo vormden ze, als schepen in een langgerekt kanaal, richtingwijzers voor reizigers en pelgrims.

Purners verdienste is vooral zijn ontdekking dat de inquisitie rond 1350 rigoureus afrekende met deze 'esoterische flauwekul' van kerkelijke leiders die met pendel en wichelroede de energie-rijkste plekken zochten. Niet op aarde, bóven was de hemel. Alle kerken moesten per decreet voortaan in oost-westrichting worden gebouwd. Het moest afgelopen zijn met die paden, met het drukke verkeer tussen dorpen, de uitwisseling van kennis en kunst en integratie met het joodse en islamitische geloof die langs die lijnen plaatsvond. Dom en onwetend moest de mens zijn.

Fascinerend

Jilesen kan zich bijna zeven eeuwen later nog kwaad maken over de operatie van de inquisitie. Maar hij vindt het ook fascinerend hoe lang en goed het geheim bewaard is gebleven. Purner droeg echter ook een simpele methode aan om de lijnen weer tevoorschijn te toveren. Met een kompas (om de richting van een kerk te bepalen) en een kaart van 1 op 25.000 kan elke leek aan het puzzelen slaan. Overal ter wereld zijn al lijnen opnieuw ontdekt. In Engeland heten ze bij voorbeeld Sint Michaëls- of Leijlijnen, in Peru Nazca-lijnen, in Duistland Lijkenwegen en in Texas Indianenpaden. Maar overal zijn ze kaarsrecht en verbinden ze de hoogste punten in het landschap.

Jilesen zelf is in het voetspoor van de Oostenrijker bezig aan wat hij noemt een 'zoektocht naar waarheden die ons met vuur en tortuur zijn ontnomen'. Toch was er vorig jaar een toevallige opmerking van een bezoekster van ene Veghels café voor nodig (zou onze kerk niet ook op zo'n lijn staan?) om hem op eigen geboortegrond aan het speuren te zetten. Logisch dat hij iets zou vinden leek het niet. De Lambertuskerk dateert immers van 1852 en is dus van ver na de inquisitie. En toch puzzelde hij uit dat op één onverbiddelijk rechte lijn, over een afstand van 35 kilometer het kerkhof van Vorstenbosch en de kerken en kerkhoven van Haren, Nistelrode, Veghel, en (de oude van) Nederwetten liggen. Alle dragen ze de naam van Lambertus, de man die het toenmalige Taxandrië kerstende.

De held van Jilesens verhaal is deken Van Miert, bouwheer van de Veghelse kerk. Hij heeft welbewust de Lambertuslijn in ere hersteld, hoewel schriftelijk bewijs daarvoor ontbreekt. "Moet ook wel", zegt Jilesen, "want het was absoluut taboe zoiets te doen. Maar Van Miert was een Geheim Kamerheer, had dus toegang tot de curie van Rome en tot de geheime boeken van de inquisitie. Het kan onmogelijk toeval zijn: de kerk staat niet alleen exact op de juiste plaats, maar heeft ook precies de richting van de lijn: acht graden van het noorden."

Hij voegt eraan toe dat de Lambertus van Veghel zeker niet het enige kerkelijke bouwwerk is dat na 1350 op de oude lijnen is opgedoken. "Veel katholieke bouwheren wilden simpelweg de beste plekken, ook om in het voordeel te zijn ten opzichte van de protestanten."

Gedoopt

De Lambertuslijn wordt precies op het altaar in Veghel loodrecht doorkruist door een andere lijn. Ook daarop heeft Jilessen allerlei interessante plekken aangetroffen, zoals de Boschwegkerk in Schijndel en drie molens. Ook voor dit laatste heeft hij een verklaring: "Molenaars zaten vaak te borrelen met meneer pastoor. Zij wisten van de hoed en de rand". Maar de interessantste plek op de dwarsas is zijn ogen het heilig weike, een zijarmpje van de Dommel waar in de vroege middeleeuwen massaal moet zijn gedoopt.

Jilesen gelooft heilig in zijn lijnen. Hij is zelf óp de Lambertuslijn geboren, aan de Markt in Veghel. "Het lijkt of het de bedoeling was dat ik de lijn zou vinden." Maar zijn bezetenheid strekt zich uit tot alle licht- en dodenwegen, de plekken waar pendels en wichelroedes het hardst tekeer gaan en hij zich optimaal voelt. 'Bloedmooie plekken' vind je er. Hij verzamelt, onderzoekt en documenteert alle wonderlijke gebeurtenissen die er zouden hebben plaatsgevonden. Als het maar even kan, laat hij zijn lange zwerftochten langs dodenwegen voeren en verblijft hij er in kapellen of kloosters. Nergens vloeien de teksten zo gemakkelijk uit zijn pen als daar.

Op twaalf plekken langs de door hem ontdekte assenkruis vertelt Jilesen de komende weken zijn verhaal over de Lambertuslijn. Hij wisselt dat nu en dan af met een zelf geschreven lied. Hij heeft wel getwijfeld, ja, of hij zijn kennis zou delen. Jilesen heeft al ervaren dat een muntenverzamelaar en een speculant de lijnenwetenschap commercieel hebben uitgenut. En dat kan niet de bedoeling zijn. Als Jilesen zijn gehoor een slok geneeskrachtig water biedt uit de bron van Florès, houdt hij daarvoor zijn hand toch ook niet op?

Het idee van een ijscoboer of hamburgertent langs de Lambertuslijn doet hem gruwen. Maar wat zou het mooi zijn als een enkele lijn straks als wandelpad hersteld kan worden. Als gewone Brabanders hem zouden helpen de vroegmiddeleeuwse padenkaart van de provincie te herontdekken. Jilesen wil ze de kennis graag aanreiken.